|
|
|
'Die mol moet dood.' Had het laatste uur van een mol werkelijk geslagen?
Een tuin met een geteisterd gazon en een met heuvels gesierde bloemenborder
grensde aan een weiland, vanwaar kennelijk al het onheil vandaan
kwam. Tenminste, het weiland lag er al even pokdalig en heuvelachtig
bij. De vrijwel nieuwe tuin was in de ogen van de trotse tuinbezitter
 |
| Is hier nog wat eetbaars? |
geruïneerd. Een goed verhaal over het nut van de mol kon hem
kennelijk niet deren. Hij werd er niet koud of warm van. 't Zal
je ook maar gebeuren, je wordt er wanhopig van.
Of is er wel iets tegen te doen?
Wat wij als mollenschade ervaren, heeft meer van doen met schade
die is toegebracht aan ons netheidssyndroom. Ja, het staat natuurlijk
niet mooi al die hopen op onderling keurige afstanden van elkaar.
Zo'n beest moet ook leven, maar vooral niet in ons knusse territorium.
Helaas staat er geen verwijzingsbord waar de mol wel z'n gangen en
hopen kan maken. Het beestje is gewoon op zoek naar een geschikt eigen
territorium waar voedsel te over is.
Goed, we vinden het niet mooi wat hij in onze tuin doet. Toch doet
de mol wel degelijk goed werk. Dat daarbij gangen en hopen grond
ontstaan, is het beestje eigen. 'Hij' heeft er ook niet om gevraagd
dat wij juist 'daar' onze tuin wilden hebben. Een beetje bezitterig
gedrag vertonen wij wel; van ongevraagde indringers moeten wij niets hebben.
Stel, dat uw planten plotseling omvallen en doodgaan. Wat doet u dan?
In paniek raken of NEÊRLANDs Tuin
vragen hoe dat kan en of we even een bestrijdingsmiddel aan de
hand kunnen doen? Zeker weten, dat u op zoek gaat naar de oorzaak
van dat alles met het doel een einde te maken aan die plotselinge
verandering in uw territorium. En... misschien komt u er wel achter
dat veenmollen de planten mollen of dat engerlingen de boosdoeners
zijn van die gele plekken in het gazon. Toch bepaald niet leuk
allemaal. In plaats van naar een chemisch of biologisch verantwoord
middeltje te verwijzen zou ik u ook het advies kunnen geven om eens
een mol aan te schaffen. Jawel, u leest het goed, gewoon een mol.
Zo'n lief, zacht, zwart diertje dat onder de grond leeft. Eenmaal
losgelaten heb je er geen omkijken meer naar. 'Het' redt zichzelf
door wormen, engerlingen,
veenmollen, ritnaalden,
emelten en wat niet allemaal nog meer voor eng spul te verorberen.
Vreselijk nuttig, toch?
| Wat ondergronds levend, eng spul |
 |
 |
|
 |
|
 |
|
|
Een veenmol (Gryllotalpa gryllotalpa) knaagt aan wortels en stengels |
|
Emelt (Tipula-soort) is de larve van de langpootmug; in de
nazomer en het voorjaar vreten de larven wortels aan |
|
Ritnaalden (Elate'ridae) (koperwormen) zijn de larven van
de kniptor. Ze leven van vlezige plantendelen |
|
Engerling (Scarabae'idae) is de larve van de mei- en junikever.
Ze vreten aan ondergrondse plantendelen |
Echte graversuitrusting
Een mol scharrelt per dag een hoeveelheid voedsel bij elkaar, die
gelijk is aan wel drie keer z'n eigen lichaamsgewicht. In de kaken
van de mol staan scherpe tanden, waarmee met z'n prooi direct korte
metten wordt gemaakt. Kikkers, slakken en muizen staan ook op het
menu, mochten die onverhoopt in het gangenstelsel ronddolen. Een
volwassen mol is ongeveer veertien cm lang en weegt tussen de tachtig
en honderdveertig gram. Z'n zachte pels bestaat uit een dichte zwarte
vacht, die op z'n buik grijs is. Van vocht of kou heeft de mol geen
last, daar zorgt z'n (water- en zand)dichte jas wel voor. Alleen de
vier poten zijn aan de onderkant onbehaard. De bleekroze huid ziet
eruit als het velletje van een pasgeboren baby. De vijf tenen aan de
vier schopvormige voeten zijn uitgerust met elk een scherpe, platte
nagel waarmee al het onheil, zoals het graven van tunnels en het
opwerpen van molshopen, wordt uitgevoerd. Twee miniscuul kleine
 |
|
Een spoor van 'vernieling': molshopen zijn ervoor de beluchting van
het gangenstelsel |
ogen, zo groot als een flinke speldenknop, heeft de mol wel, maar
geen oren. 'Horen' doet-ie met z'n tast- en snorharen, die ingeplant
staan boven de spitse snuit.
Grotendeels solitair
In de paartijd en als er jongen zijn, leeft de mol samen met
z'n vrouwtje. In mei - juni worden drie tot vier jongen geboren.
Zolang de jongen nog niet hun eigen kostje bij elkaar kunnen
scharrelen, genieten ze gastvrij onderdak. Daarna is het afgelopen
en leeft elke mol strikt solitair. De jongen worden grootgebracht
in een kogelronde ruimte, die aan een apart gemaakte zijgang ligt.
De gang wordt door vader mol goed bewaakt tegen ongewenste indringers.
Om voedsel te verzamelen is een uitgebreid gangenstelsel nodig.
Graven wordt dus gedaan om voedsel te verzamelen. De verblijfsgangen
en holtes waar voedselvoorraden worden aangelegd, waar wordt
geslapen en waar het nest wordt gemaakt beslaan een lengte van
om en nabij honderdvijftig meter. Ondergronds heeft de mol maar
één vijand en dat zijn zijn soortgenoten. Het eigen
territorium wordt fel verdedigd tegen andere voedselzoekende mollen.
Iedere dag worden de gangen geïnspecteerd op aanwezig voedsel
en op indringers. Zo nodig wordt een ingestorte gang gerepareerd.
Bij het graven van het gangenstelsel wordt regelmatig grond omhoog
geduwd. Dat zijn de voor ons mensen nare molshopen, die geheel
onverwacht her en der opduiken. Voor de mol betekent zo'n molshoop
letterlijk een adempauze: de hoop luchtige aarde dient als luchttoevoer
voor de gangen.
De mol leidt een geregeld leven: vier uur werken en eten worden
gevolgd door vier uur rusten. Boven de grond waagt de mol zich
 |
|
Het enige nare van een mol is dat het gazon naar de bliksem gaat
door flinke hopen grond |
zelden. Alleen wanneer een onoverkomelijke barrière op z'n
gangpad ligt, moet hij wel eens boven over. Natuurlijke vijanden
(predatoren) heeft hij ook: de vos, buizerd, kiekendief, uil
en reiger lusten graag een molletje.
Het leven zuur maken
Behalve dat je gazon moeilijker te maaien valt door de verspreid
liggende bulten grond of omdat je meent nu net in die ene mollengang
je been te moeten breken, valt de schade die een mol veroorzaakt
reuze mee. Overigens: de grond die een mol opwerpt in de vorm van
een heuvel is prima potgrond.
Een mol met geavanceerde techniek verjagen
Wie een permanente bewaking wil instellen tegen overlast van de mol/mollen,
 |
|
 |
| Aandrijving via zonnepaneel |
Schematische weergave |
zonder zelf in het geweer te moeten komen, kan een anti-mollenapparaat
aanschaffen. De voeding van de mollenverdrijver ("moller"...)
gebeurt met behulp van een zonnepaneel (doorsnede 15 cm).
De mollenverdrijver heeft een effectieve werking voor 800 m2
oppervlakte. Elke dertig seconden wordt ondergronds een
irritante hoge toon voortgebracht. Het apparaat is te koop voor
€ 49,95 (incl. btw).
Leverancier:
Olman Handelsmaatschappij BV,
tel. 0172 424100, of
Shop4Home.
Hieronder nog wat andere manieren (?) om mollen te verjagen,
opgetekend uit de monden van door mollen geplaagde tuiniers.
Een mol vriendelijk verjagen:
- Graaf een fles in de mollengang. De open fles brengt een fluittoon voort.
- Laat de gangen vollopen met water; zet de tuinslang de hele dag erop.
- Strooi visafval in de mollengang.
- Strooi uiensnippers.
- Leg mottenballen in de gangen.
- Mollen houden niet van hoge tonen. Koop een mollenverdrijver.
- Plant keizerskronen (Fritillaria imperialis).
- Graaf 'dubbeltjesgaas' in rondom je tuin.
- Trap elke dag de gang(en) dicht.
- Steek zoveel mogelijk stokken in de gangen.
- Drum de hele dag op een ijzeren staaf, die in de mollengang is geslagen.
Helpt dit allemaal niet - meer - en u bent ten einde raad?
- Laat de mollenvanger 'hem' nu eindelijk eens vangen.
- Breng 'Mollenschrik'-geurstaafjes aan (ECOstyle).
- Gebruik Luxan-mollenpatronen.
- Gebruik een mollenklem.
|
|
|