Parrotia is een bijzondere voorjaarsbloeier. Het bijzondere bestaat
uit het feit dat je de boom maar heel zelden in een tuin ziet.
In het Amsterdamse Oosterpark staat waarschijnlijk de grootste en oudste
Parrotia van Nederland. Parrotia wordt een grote struik of boom
afhankelijk van zijn ouderdom.
Al meer dan 150 jaar staat Parrotia in het Amsterdamse Oosterpark
In het Oosterpark is de meerstammige struik wel 12 meter
hoog. Parrotia groeit buitengewoon traag, maar dit is geen
reden om zonder nadenken de struik in een (te) kleine tuin te planten.
Het is een fraai bloeiende struik voor een middelgrote of grote tuin. Parrotia is omstreeks 1840 ingevoerd in Engeland. Inheems is
de struik in Perzië. Ook Nederlandse landschapsarchitecten
(Leonard Springer, David Zocher e.a) gebruikten de struik graag in
hun parkontwerpen in de Engelse landschapsstijl. In Iran
wordt Parrotia een flinke boom tot wel vijfentwintig meter hoog.
Toverhazelaarachtige
Je hoeft geen grote plantenkenner te zijn om te zien dat Parrotia veel
Parrotia bloeit met bundels oranjerode bloemen
gelijkenis heeft met de toverhazelaar.
Moeilijker is het om er kenmerken in te zien van
de amberboom.
Alle behoren tot de grote familie van de toverhazelaarachtige
(Hamamelidaceae). Parrotia is een vroege bloeier, maar de
duur is kort: eind februari begint de bloei en half maart te eindigen. Behalve dat
Parrotia met intens oranjerode bloemen bloeit en de in bloei staande
struik dan overdekt is met haast een lichtgevende oranje waas, heeft-ie een
opvallende herfstkleur. De tinten variëren van goudgeel, oranje tot
helderrood. De struik is bladverliezend. Bladeren zijn betrekkelijk klein. Vier tot
tien centimeter lang met een hartvormige voet.
Planten
Vaak wordt gedacht dat Parrotia op een zure grond moet worden
De herfstkleur variëert van goudgeel tot vurig oranjerood
geplant. De struik groeit echter ook heel goed op een kalkhoudende grond.
Parrotia laat zich moeilijk verplanten, koop daarom altijd een
struik die in pot is grootgebracht. Pas na vier à vijf jaar kun
je zien of je te maken hebt met een struik- of meer een boomvormer.
Boomvormers hebben een duidelijke harttak. Uiteindelijk komen er aan de
harttak veel zijtakken en heeft ook een boomvormer de neiging om meer
struikvormig te groeien.
Snoeien
In ons land wordt Parrotia zelden een boom op stam. Daarom is het
beter om Parrotia maar zijn gang te laten gaan. Ga niet proberen
van een struikvorm een boom te maken. Snoeien aan de struik komt er meestal
op neer dat de kroon heel dicht wordt. Bovendien gaat het karakter
verloren. De struik wordt meer breed dan hoog. Inkorten van de loten is
nadelig voor de groei. Beter is het om een in de weg zittende zijtak in z'n
geheel weg te nemen. Snoei Parrotia zo min mogelijk.
Artikelen en illustraties in NEÊRLANDs Tuin zijn auteursrechtelijk beschermd. Niets mag
daarom geheel, gedeeltelijk of in gewijzigde vorm (persoonlijkheidsrecht) op welke wijze
dan ook worden verveelvoudigd zonder schriftelijke toestemming.