 |
|
|
|
Aangepast zoeken
|
De bezembrem, de hoogste in zijn soort |
|
|
|
De bezembrem of gewone brem: twee synoniemen, die deze struik alle eer aandoen. In de eerste
plaats groeit deze bremsoort met lange groene en dunne twijgen in een sterk opgaande vorm.
Ten tweede komt de struik vrij algemeen voor in Europa. Vanaf het zuiden van Zweden, in
 |
| De bezembrem groeit met dunne, kantige twijgen, die groen blijven |
geheel West-Europa tot in het uiterste zuiden van Portugal en in Noord-Afrika en de Oekraï,ne.
Afgezien van de bezemachtige groeiwijze is dit de hoogst groeiende struik van alle bremsoorten
en de bloei is haast overdadig.
De tweede naam van bezembrem - scoparius - is afgeleid van het Latijnse woord scopae, dat voor
bezem staat, of scopa, dat dunne tak betekent. Cytisus is een vlinderbloemige (Fabiflorae) en
behoort tot de subfamilie Leguminosae. Botanisch gezien is bezembrem (Cytisus
scoparius) wel interessant. De struik bestaat hoofdzakelijk uit lange, groenblijvende
twijgen met daaraan spaarzaam drie bijeen staande blaadjes. De
assimilatie (fotosynthese) vindt in hoofdzaak plaats via
de gevoorde twijgen. Een bezembrem wordt tot tweeëneneenhalve meter hoog. Het is
één van de krachtigst groeiende bremsoorten. De bloei vindt plaats in
mei - juni. Een bezembrem bloeit pas in het derde levensjaar. De bloemen zijn goudgeel van kleur
en vallen vooral op door hun grootte. Er staan één tot twee bloemen bij elkaar.
Bezembrem bloeit ontzettend rijk.
Zaden giftig
Na de bloei ontwikkelen zich bruinzwarte peulen, ook wel kokers genoemd, waarin de zaden
zijn opgeborgen. Als het warm genoeg is en de zon op de peul schijnt, springt deze plotseling
 |
| Van juli tot ver in het voorjaar zitten er peulen aan de struik |
open en komen de zaden vrij. Hierdoor is bezembrem in sommige gebieden tot een plaag geworden.
De zaden zijn giftig. Er worden stoffen uit gewonnen voor hart stimulerende, bloeddruk
verhogende en vaat vernauwende middelen.
Brem snoeien
Cytisus scoparius bloeit op hout van het voorgaande jaar. Direct na de bloei kan
worden gesnoeid. Snoei voorkomt verzwakking van de struik en een stakerige groeivorm. Het
beperkt bovendien de hoeveelheid peulen. Om een bossige groei te krijgen kunnen de scheuten
worden getopt. Bij volgroeide struiken worden de uitgebloeide scheuten met tweederde van
hun lengte ingekort, boven een knop of scheut onder de uitgebloeide bloemen. Een bezembrem loopt
niet uit op volgroeid, oud hout. Een volledige verjonging van de struik is er dus niet bij.
Vervang zo nodig oude exemplaren door nieuwe. Een bezembrem wordt op een natuurlijke wijze
verjongd als gevolg van strenge vorst. Bovengrondse delen sterven dan af. In het voorjaar
loopt de struik weer uit alsof er niets is gebeurd.
Een struik verwant aan de bezembrem is de gaspeldoorn.
|
|
|
Artikelen en illustraties in NEÊRLANDs Tuin zijn auteursrechtelijk beschermd. Niets mag
daarom geheel, gedeeltelijk of in gewijzigde vorm (persoonlijkheidsrecht) op welke wijze
dan ook worden verveelvoudigd zonder schriftelijke toestemming. |
|