 |
|
|
|
Aangepast zoeken
|
Meidoorn, eenmaal één, eenmaal twee |
|
|
|
Wie kan zich een lentemaand zonder de bloei van de meidoorn voorstellen?
Overal in het land is de meidoorn op een zonovergoten lentedag van een verblindende schoonheid. Witter dan
wit bestaat bijna niet. De meidoorn is er ook in een karmozijnrode kleur, voor wie genoeg
 |
Crataegus laevigata 'Paul's Scarlet' bloeit met gevulde bloemen |
van wit heeft. Als struik of boom kan een meidoorn worden gebruikt. Botanici zijn misschien
meer geïnteresseerd in het aantal stijlen en stampers van de meidoorn, u misschien in de
vruchtjes of de vraag of u er misschien een lekke band door kunt krijgen.
Eenmaal één en eenmaal twee lijkt om een cryptogram te gaan. In feite slaat dit
op een pikant botanisch verschil: er zijn meidoorns met één en met twee stijlen.
Crataegus monogyna is de eenstijlige en Crataegus laevigata de tweestijlige
meidoorn. In het algemeen zijn alle gekweekte varianten uitgerust met twee stijlen. Desondanks
kàn een eenstijlige meidoorn twee stijlen bezitten. Lastig dus. Een stijl staat in het
midden van de bloem, dicht bij de stempel. Bijkomstigheid van de meidoorn is, dat de stempel
vroeger rijp is dan de helmknoppen. Proterogynisch wordt dat botanisch genoemd.
Meidoornsoorten komen van nature voor in koele gebieden. In grote delen van Europa, het
westen van Siberië, in Noord-Afrika en het oosten van de Verenigde Staten van Amerika.
In Nederland komt de meidoorn van nature voor in struwelen in bossen en duinen. Het geslacht
behoort tot de appelachtigen (Rosaceae). Een meidoorn groeit als struik of wordt als boom opgeleid.
Geen enkele meidoorn is giftig. De struik of boom wordt graag bezocht door bijen, wespen
en vliegen. In het najaar worden de besachtige vruchten gegeten door lijsters, merels en
mezen of door mensen ingemaakt.
 |
|
 |
| Meidoornbloemen |
Een meidoorn groeit op vrijwel alle gronden, is niet bodem kieskeurig en kan zowel op
tamelijk droge als vrij natte plaatsen goed groeien. De struik kan vier tot negen meter
hoog worden. De licht geurende bloemen worden in het najaar gevolgd door lichtzoete,
enkelstenige, donkerrode vruchten.De bladen zijn gelobd en verkleuren in het najaar
naar een mooie, lichtgele kleur voor ze afvallen. Behalve als struik kan de meidoorn ook
prima als haag worden gebruikt. Een meidoorn vormt een vrijwel ondoordringbare haag. Een
ideale broedplaats voor tal van kleine zangvogels, die daarin bescherming vinden tegen vele
roofdieren. De meidoorn laat zich in een haag goed combineren met de
Spaanse aak (Acer campestre), ook wel Zeeuwse haag
genoemd.
Zowel Crataegus monogyna als Crataegus laevigata is als boom of struik te
koop. Beide soorten bloeien wit. Crataegus laevigata 'Paul's Scarlet' is een rood
bloeiende meidoorn. De bloemen van deze variëteit zijn gevuld. Het is een uitstekende
boom voor straat of park of als solitair. De boom blijft klein: tot maximaal
 |
|
Crataegus monogyna is in het voorjaar een blikvanger |
6 meter hoog. De kroonbreedte bedraagt ongeveer 3½ meter in doorsnee.
Daarmee is deze meidoorn ook heel geschikt voor een kleine tuin.
Snoeien
Een meidoorn groeit met een warrig takkenstelsel. Struiken kunnen tussen herfst en voorjaar
eens in de twee of drie jaar worden teruggezet tot vlak boven de basis. Een meidoorn bloeit
op overjarig hout. Hagen kunnen gedurende het groeiseizoen
een- tot tweemaal in vorm worden geknipt.
Als u een jonge meidoorn koopt, kunt u die zelf opleiden tot boom op stam. Selecteer uit de
scheuten een stevig gegroeide scheut. De scheut wordt aangebonden aan een boompaal.
Verwijder zijscheuten die zich laag boven de grond bevinden, maar laat enkele scheuten
in de top staan. Kort die met de helft van hun lengte in. De harttak telkens aanbinden.
De jaren daarop worden zijscheuten van voorgaande jaren bij de stam af weggesnoeid, maar
behoud ook nu weer enkele in de top. Na enkele jaren deze cyclus te hebben uitgevoerd
en als de stamlengte circa anderhalf tot twee meter bedraagt, wordt er niet meer gesnoeid.
Volgroeide bomen hebben nauwelijks snoei nodig. Alleen die takken verwijderen, die langs
elkaar schuren. Een warrige en dichte kroon hoort nu eenmaal bij de meidoorn. Te veel snoeien
aan een meidoorn kan bij harde wind takbreuk of afwaaien van de tak veroorzaken.
Ziekten en plagen
De meidoorn kan worden aangetast door spinselmot
en ringelrups. Rupsen zijn te bestrijden met Spruzit (Ecostyle), Decis Vloeibaar (Bayer),
AA Dipel of AA Slakkex Plus. Soms ook komt meeldauw voor. Die is te bestrijden met Vital
(Ecostyle) of Baycor Schimmelmiddel (Bayer).
|
|
|
Artikelen en illustraties in NEÊRLANDs Tuin zijn auteursrechtelijk beschermd. Niets mag
daarom geheel, gedeeltelijk of in gewijzigde vorm (persoonlijkheidsrecht) op welke wijze
dan ook worden verveelvoudigd zonder schriftelijke toestemming. |
|