 |
|
|
|
Aangepast zoeken
|
Bougainvillea voor een tropische illusie |
|
|
|
Wie kent niet in Spanje, Portugal of Italië de wit gekalkte muren,
waartegen de roze, rode, lila of oranje bloemen van Bougainvillea
zich scherp aftekenen? De struik groeit daar blijkbaar probleemloos.
In ons klimaat moet Bougainvillea overwinteren.
 |
Bougainvillea bloeit bij een juiste verzorging uitbundig |
Bougainvillea komt uit Zuid-Amerika en om nog preciezer te
zijn uit Brazilië. De plant is genoemd naar de Franse ontdekker
ervan L.A. de Bougainville, die in de periode 1766 - 1769 in opdracht
van zijn regering een reis om de wereld maakte. De plant is er een uit
de familie van de Nyctaginaceae. Het Griekse woord nux (nuktos)
betekent nacht. Gelukkig laat de plant ook overdag z'n bloemen volop zien.
Bougainvillea is altijd nog een betrekkelijk dure kamerplant. De
toepassing van de plant hoeft helemaal niet beperkt te zijn tot de
huiskamer alleen. Op terras, balkon of tegen een warme muur kan ook hier
een illusie van het mediterrane zuiden worden nagebootst. Als de plant
buiten staat is de verzorging simpeler, in ieder geval is de
luchtvochtigheid daar meestal beter dan in een huiskamer. Door regelmatig
vloeibare plantenmest te geven wordt de groei en bloei bevorderd. Af en
toe de plant flink nat broezen zorgt voor fris blijvend blad. Wie de plant
in de open lucht heeft staan, wordt vanzelf wel geholpen door de regen.
Bij langdurige regen kan de plant beter weer naar binnen verhuizen.
Het enige waaraan aandacht moet worden geschonken om de bloei er goed in
te houden, is het tijdig 'nijpen' van alle jonge scheuten en hun
 |
| De bloem van Bougainvillea 'Crimson Lake' |
vertakkingen. Telkens worden de scheuten teruggezet op vier blaadjes,
waarna weer een vertakking ontstaat. Ook de vertakking wordt weer op vier
blaadjes genepen. Als tegenwerping kunt u natuurlijk inbrengen: 'dat doen
ze in die zuidelijke landen toch ook niet?'. Dat is juist, maar in ons
klimaat moet het wel.
Wie de plant in pot wil houden, moet wel een grote potmaat gebruiken; ten
minste 30 centimeter. En geef de plant steun in de vorm van een klim-
of steunrek.
Laat de plant in pot of kuip licht en zonnig overwinteren, bijvoorbeeld in
een gematigd warme serre of een lichte, koele kamer, waar hij geen mest meer krijgt
en tamelijk droog wordt gehouden. Eenmaal per veertien dagen water geven
is voldoende. In de winter is wat bladverlies mogelijk, maar dat
kan geen kwaad. In het voorjaar loopt de plant immers toch weer uit. In
januari of februari kan Bougainvillea weer op een wat warmere plek
worden gezet, zo tussen 16 en 20 °C.
Wordt de pot of kuip te klein, dan is het tijd om te verpotten. Gebruik een pot
die één of twee maten groter is dan de oude. De beste tijd om te
verpotten of om aarde te verversen is het voorjaar. Gebruik een mengsel van drie
delen goede potgrond, één deel scherp zand met eventueel wat leem
of klei en wat goed verteerde koemest. De plant moet na het verpotten op een warme
en lichte plaats worden gezet. Ook is het aan te raden om dagelijks de bladerkroon
te bespuiten om knopvorming te bevorderen.
Schutbladen
Bloemen van Bougainvillea staan altijd met z'n drieën bij
 |
De bloem van Bougainvillea bestaat uit drie schutbladen |
elkaar. Centraal in de bloem staan de stamper en drie meeldraden. Wat wij
als bloem zien, is niet meer en minder dat de fraai gekleurde schutbladen.
Er staan altijd drie schutbladen rondom het vruchtbeginsel.
Soorten
Van Bougainvillea zijn twee soorten van belang: B. glabra en
B. spectabilis. Het onderscheid tussen deze twee is simpel: de
soort glabra heeft onbehaard blad; spectabilis heeft
behaarde bladeren. Beide hebben doornen. Onderling zijn de soorten ook nog
eens gekruisd, zodat het meestal moeilijk is na te gaan met welke we van
doen hebben. Belangrijke cultuurvariëteiten zijn o.m. 'Albo Ora'
(geel), 'Alexandra' (licht violet), 'Sanderiana' (donker violet),
'Crimson Lake' (scharlakenrood), 'Grusz aus Badenweiler' (roze), 'Miggi
Ruser' (geel), 'Mrs. Helen Mclean' (oranje) en 'Orange King' (geeloranje).
Stekken
Bougainvillea kan het hele jaar door worden gestekt. Stekken
in winter en voorjaar gaat meestal iets beter dan in de rest van het
seizoen. Neem stekken met hieltje
 |
De bloem van Bougainvillea 'Orange King' |
of snij stek onder een blad af. In ieder geval stek van hout dat niet
te jong en niet te oud is. Behandel de stek met Rhizopon
(bewortelingspoeder). Steek de stekken in vochtige turfmolm, dat afgedekt
is met scherp zand. Het substraat (de turfmolm) moet vers/nieuw zijn om zo
min mogelijk ziektekiemen te hebben. Welslagen van de beworteling hangt af
van de bodemtemperatuur, die ten minste 22 - 25 °C. moet zijn. Stek
je in de zomer, dan is bodemverwarming niet nodig. Na drie tot vier weken
zijn de stekken beworteld. De bewortelde stekken worden (voorzichtig,
breekbare wortels) opgepot in een humusrijk, luchtig grondmengsel. Veel
licht en zon doet de rest: ze groeien uit tot flinke planten, mits dus op
tijd wordt genijpt. Verpot de groter wordende stekken regelmatig in
grotere potten. Geef geregeld water en vloeibare kamerplantenmest.
Ziekten en aantastingen
* Bladluis - te bestrijden met: Spruzit, Fleur Bladluis.
* Spint - te bestrijden met: Plantschoon, AA Fleur Spuitbus.
* Vergeling van het blad - is een gevolg van tekort aan stikstof.
Los kunstmest met een hoog percentage stikstof (N) in water op en dien een
matige hoeveelheid toe. Herhaal de toediening na veertien dagen opnieuw.
|
|
|
Artikelen en illustraties in NEÊRLANDs Tuin zijn auteursrechtelijk beschermd. Niets mag
daarom geheel, gedeeltelijk of in gewijzigde vorm (persoonlijkheidsrecht) op welke wijze
dan ook worden verveelvoudigd zonder schriftelijke toestemming. |
|