 |
|
|
|
Aangepast zoeken
|
Stengelloos lijmkruid |
|
|
|
Het geslacht Silene (lijmkruid) telt meer dan tien soorten, die
vooral in Europa voorkomen. In totaal zijn er van dit omvangrijke geslacht meer dan
500 soorten over de wereld verspreid.
Daaronder is een aantal geschikt voor de tuin. Binnen het geslacht zijn er eenjarigen,
tweejarigen en overblijvende, bladverliezende en bladhoudende planten.
 |
| Een van de lijmkruidsoorten groeit van nature in los gesteente in berggebieden |
Het geslacht behoort tot de Caryophyllaceae. De naam lijmkruid heeft de plant te
danken aan het feit dat sommige soorten een kleverige substantie afscheiden.
In berggebied met los steenslag en op hoog gelegen weiden is Silene acaulis van nature
te vinden. Naarmate de grond meer kalk bevat, groeit dit stengelloze lijmkruid gedrongener en vormt
bolvormige pollen. In blauwgrasland en op zuurdere grond groeit de plant weelderiger, maakt
langere stengels en de bloemen zijn dan kleiner. Stengelloos lijmkruid kan tot op een hoogte van
ruim 3600 meter groeien, maar zelden lager dan 1500 meter. In zulke
bizarre omstandigheden moet de plant bestand zijn tegen vaak extreme droogte en barre koude.
Om die reden is de plant in alles kleiner: korte stengels met kleine bladen en forse bloemen.
Hoe hoger de plant in berggebieden groeit, des te eerder staat hij in bloei.
 |
Silene acaulis bloeit met dieproze bloemen |
In korte tijd moet de plant dan bloemen en vruchten ontwikkelen.
Stengelloos lijmkruid is in de Alpengebieden en de Pyreneeën een beschermde plant. De plant
groeit met bijna lijnvormig blad. De bloemen zijn alleenstaand en staan op een korte steel,
waardoor ze nauwelijks boven het blad uitkomen. De kelk bestaat uit vijf omgekeerd eivormige
kroonbladen met daarover elk tien strepen. Pollen zijn tweeslachtig of eenslachtig. Zaden
worden door regenwater en vogels verspreid. Door hevige regenbuien spoelen delen van de plant
met het water mee. Ze wortelen daarna opnieuw op een geschikte plaats.
Van het lijmkruid komen in berggebieden veel soorten voor,
 |
De chemische eigenschappen van de bodem bepalen de grootte van de bloem |
onder andere steenlijmkruid (Silene
rupestris), rood lijmkruid Silene dioica), wit lijmkruid (Silene alba),
duivenkroplijmkruid (Silene vulgaris) en Silene nutans. Zeelijmkruid (Silene
maritima) komt voor bij bergmeren en langs de kust.
Voor de tuin is er een variëteit van zeelijmkruid van betekenis, namelijk Silene
maritima 'Weisskehlchen'. Deze plant bloeit met zuiver witte bloemen in de maanden augustus
en september en wordt tot circa vijftien centimeter hoog. Silene schafta bloeit
met diep karmijnroze bloemen in dezelfde maanden en wordt tot maar tien centimeter hoog en is
bijvoorbeeld in een rotstuin te gebruiken.
|
|
|
Artikelen en illustraties in NEÊRLANDs Tuin zijn auteursrechtelijk beschermd. Niets mag
daarom geheel, gedeeltelijk of in gewijzigde vorm (persoonlijkheidsrecht) op welke wijze
dan ook worden verveelvoudigd zonder schriftelijke toestemming. |
|