 |
|
|
|
Aangepast zoeken
|
Polygonum viviparum, knolduizendknoop |
|
|
|
De knolduizendknoop maakt geen aanspraak op een bijzondere
grondsoort. De plant groeit op zowel vochtige en droge grond.
De plant is een uitgesproken Einzelgänger: komt
voornamelijk alleenstaand voor in tegenstelling tot veel van zijn soortgenoten, die juist
in grote aantallen te zien zijn. Het is wat men noemt een amphiarctische alpineplant, dit
is een plant, wiens verspreidingsgebied beperkt is tot voornamelijk koude of gematigd koude
(bergachtige) gebieden.
 |
Polygnonum viviparum bloeit met een schijnaar |
Het is geen tuinplant, maar botanisch gezien een interessante duizendknoop.
Polygonum viviparum behoort tot de familie van de duizendknoopachtigen (Polygonaceae).
De duizendknoop heeft inmiddels een andere naam gekregen namelijk
Persicaria, maar deze duizendknoop heeft
de oorspronkelijke Latijnse naam behouden. Botanisch gezien is de plant interessant vanwege
de vorming van bovengrondse broedbollen (bulbillen). Met de broedbol wordt de voortplanting
geregeld. Deze donkerbruine broedbollen worden onder aan de schijnaar gevormd en door rijpheid
afgestoten. Deze bijzonderheid verklaart dan ook de tweede naam van deze Polygonum:
viviparum, wat letterlijk levend voortplanten betekent. Overigens worden deze broedbollen graag
gegeten door alpensneeuwhoenders (Lagopus mutus).
Polygonum viviparum komt in tal van bergachtige gebieden binnen en buiten Europa voor.
In de Alpen, de Kaukasus, Jura, Karpaten, arctisch Eurazië en Noord-Amerika. De plant
groeit met een wortelstok met daarop een steel met kleine bladschubben. De stengel groeit
rechtop en bereikt een hoogte tussen de vijftien en 25 centimeter. De bladen zijn
lancetvormig en alleen bij de onderste bladen is een korte steel te zien. De overige
bladen zijn zogenaamde zittende bladen en hebben geen bladsteel. De bovenkant van het blad
is fris- tot donkergroen. De onderkant is grauwgroen. Kenmerkend zijn de naar onderen
omgeslagen randen van het blad. De bloemen staan in een schijnaar. In een schijnaar zijn de
individuele bloemen kort gesteeld, maar wel dicht opeenstaand. De knolduizendknoop bloeit
met witte tot rozerode bloemen in alle eenzaamheid vanaf mei tot augustus.
|
|
|
Artikelen en illustraties in NEÊRLANDs Tuin zijn auteursrechtelijk beschermd. Niets mag
daarom geheel, gedeeltelijk of in gewijzigde vorm (persoonlijkheidsrecht) op welke wijze
dan ook worden verveelvoudigd zonder schriftelijke toestemming. |
|