 |
|
|
|
Aangepast zoeken
|
Meconopsis, blauwe papaver |
|
|
|
Blauwe papaver of hoornpapaver stelt zoveel eisen, dat de plant
geregeld aandacht moet krijgen.
Wie eenmaal een aantal van deze papavers in de tuin heeft, mag zich 'vakman'
noemen. Zo'n vakman heeft niet voor niets deze bijzondere papaver in zijn tuin.
 |
| Blauwe papaver bloeit met rijstpapierachtige bloemen |
Ze behoren tot de allermooiste planten die er bestaan.
Blauwe papaver is een bosplant uit de Himalaya. In luchtvochtige streken
langs de voet van het gebergte tot ver in China komt de plant voor mits
de juiste omstandigheden. Ook in deze gebieden is de
blauwe papaver geen plantje, dat op grote schaal voorkomt. Blauwe papaver
kan zich maar moeilijk aanpassen aan ruigere klimaten dan de eigen. Wind
en intense zomerwarmte zal zonder meer de groei van een blauwe papaver
beëindigen. Een hoge luchtvochtigheid is de tweede belangrijke eis;
in ons klimaat haast een onvervulbare eis. In de
derde plaats is een kalkarme, humusrijke of naaldgrond nodig voor een goede
groei en bloei. Wie aan al deze wensen en eisen kan voldoen, is al
aardig op weg om blauwe papaver voor eeuwig in z'n hart te sluiten. Voor
mooie toeven met blauwe papaver kun je ten slotte
nog afreizen naar de Engelse Kanaaleilanden om ze daar te bewonderen.
 |
| Wie moeite heeft met blauwe papaver kan beter z'n toevlucht
nemen tot Meconopsis grandis |
Blauwe papaver (Meconopsis betonicifolia) behoort tot de papaverachtigen
(Papaveraceae). Het geslacht kent één- en tweejarige planten en vaste
planten, die in het algemeen kort leven. Kenmerkend voor blauwe papaver zijn de
langwerpige, behaarde bladeren, die enkelvoudig of samengesteld zijn. Bladeren
groeien vanuit de wortel. Bloemen groeien op een lange steel. De bloemen
(kroonbladen) zelf zijn uiterst dun en hebben een bos gele meeldraden in het
hart. De bloeiperiode begint aan het eind van de lente en het begin van de
zomer. Blauwe papaver bloeit pas in het jaar na het planten en wordt meestal
niet ouder dan twee jaar. In het tweede jaar kan de plant een hoogte bereiken
van één tot anderhalve meter en een breedte van een halve meter.
Na de bloei groeien de bloemstelen door en ontwikkelt zich de langwerpige,
behaarde vrucht.
Zaaien
De zaaddozen kunnen twee tot drie weken nadat ze zich ontwikkeld hebben, worden
geoogst. Leg ze op een koele, niet door zon beschenen plaats te drogen. Nadat
de zaaddozen droog zijn, kunnen de zaden uit het omhulsel worden losgepeld. Zaai
in een zandig hunusrijk en licht vochtig mengsel onder glas. Na opkomst van de
kiemen worden die voorzichtig verspeend in potjes van zeven centimeter en
verder grootgebracht onder glas. In het voorjaar kunnen de planten worden
uitgeplant op een plaats in de halfschaduw of schaduw. Blauwe papaver is
voldoende winterhard, maar een lichte afdekking tegen al te zware vorst is
raadzaam.
Wie verzot is op deze papaver, maar het maar niet lukt om de soort
betonicifolia van de grond te krijgen, kan z'n geluk beproeven met
Meconopsis grandis. Deze soort lijkt in veel opzichten op blauwe papaver
en is zonder meer sterker.
|
|
|
Artikelen en illustraties in NEÊRLANDs Tuin zijn auteursrechtelijk beschermd. Niets mag
daarom geheel, gedeeltelijk of in gewijzigde vorm (persoonlijkheidsrecht) op welke wijze
dan ook worden verveelvoudigd zonder schriftelijke toestemming. |
|