 |
|
|
|
Aangepast zoeken
|
Waarin een brandnetel al niet groot kan zijn |
|
|
|
Brandnetels zijn nou niet bepaald planten die je graag in je tuin hebt.
Je loopt er het liefst met een grote boog omheen.
Je hoeft er maar één keer mee in aanraking te zijn geweest en je
weet voor je hele leven dat je ze moet mijden. De netelharen veroorzaken een
onaangename jeuk en later een schrijnend gevoel op de huid.
 |
| De bovengrondse delen van brandnetel zijn rijk aan vitamine A en C, ijzer
en mineralen |
Toch zijn ze 'tot nut voor de mens'.
Brandnetel is een echte kosmopoliet. Ze komen over de hele aarde voor. Het
liefst groeien ze op stikstofrijke, wat vochtige plaatsen. Ze horen tot de
familie van de Urticaceae. In de oude indeling van plantengeslachten werden
moerbei, hennep en hop er ook onder gerangschikt.
Twee soorten komen in het wild voor: Urtica dioica, de grote
brandnetel, en Urtica urens, de kleine brandnetel. De kleine
brandnetel groeit het meest op mesthopen en is een eenjarige plant. De grote
brandnetel is een overblijvende plant. Beide soorten zijn tweehuizig: er
zijn mannelijke en vrouwelijke planten. Verschillen tussen beide soorten
betreffen onder andere de lengte van de bladsteel. Van de kleine brandnetel
is de bladsteel langer dan het blad, de grote brandnetel heeft juist korte
stelen. De bloemtrossen van de grote brandnetel hangen in okselstandige
aren, van de kleine brandnetel staan ze rechtop. Beide hebben gemeen dat de
holle, schuin omhoog staande brandharen een bijtend vocht bevatten. Komt de
huid in aanraking met een brandhaar, dan breekt deze van de plant af en
veroorzaakt een wondje. Kenmerkend voor brandnetels zijn de vierkante
stelen en de gezaagde bladeren. Alle delen van de plant zijn bezet met
brandharen. Brandnetel bloeit vanaf juni tot de late herfst.
Eetbaar en tegen roos
In de homeopathie wordt alleen extract van de kleine brandnetel gebruikt.
Het is werkzaam tegen huiduitslag, waterzucht en brandwonden van de eerste
graad.
Thee en in wijn gekookte jonge bladeren en wortels van de grote brandnetel
worden als 'huismiddeltje' gebruikt tegen verslijming van de longen en
ademhalingswegen, huiduitslag, geelzucht en aambeien. Thee zuivert
bovendien de maag. Inwrijven van de huid met brandnetels verzacht reuma
en artritis. Brandnetelblad wordt ook wel bereid als spinazie. Het zou ook
reumapijnen verlichten.
De bovengrondse delen van brandnetel zijn rijk aan vitamine A en C, ijzer
en mineralen. Commercieel wordt brandnetelextract verwerkt in shampoo. Het
is werkzaam tegen roos.
|
|
|
Artikelen en illustraties in NEÊRLANDs Tuin zijn auteursrechtelijk beschermd. Niets mag
daarom geheel, gedeeltelijk of in gewijzigde vorm (persoonlijkheidsrecht) op welke wijze
dan ook worden verveelvoudigd zonder schriftelijke toestemming. |
|