 |
|
|
|
Aangepast zoeken
|
Een lis voor op 't droge |
|
|
|
Het geslacht Iris omvat een omvangrijke groep soorten.
De familie van de Iridaceae zelf is zeer uitgebreid en hiertoe behoren uiteenlopende,
belangrijke geslachten, zoals tulp, hyacint, ui, Sanseviera, Aloë.
 |
| Hoge irissen zijn echte cottagetuinplanten |
Veel van deze geslachten behoren tot de bol- of knolgewassen en bezitten dikwijls
vlezige of knolvormige wortelstokken.
Kenmerkend voor geslachten uit de familie van de Iridaceae is dat de bloem in
knoptoestand verborgen zit in een schede.
Het geslacht Iris is voor de tuin van belang, omdat een grote groep irissen
als vaste plant ertoe behoort.
Eén zo'n Iris als vaste plant met een kolvormige wortelstok is
Iris pumila. Deze soort heeft een baard op het onderste hangende bloemblad.
Deze Iris is er een uit de zogenoemde Pogon-groep of baardirissen.
De Pogon-groep herbergt vele hybriden. Vooral Franse kwekers hebben veel van die
hybriden op hun naam staan: Vilmorin, Millet en Lémon. Een opsomming van
al die hybriden is niet te geven, omdat er duizenden van zijn. Germanica hybride
is wel de belangrijkste groep hiervan. Iris of zwaardlelie en in de
volksmond wel lis genoemd, is in ons klimaat volledig winterhard. Alle irissen
groeien op een matig vochtige en liefst kalkrijke grond.
Een uitzondering hierop is de bekende en in ons land beschermde
gele lis (Iris pseudacorus). Deze iris
groeit met zijn wortelstok in zompig moeras of in het water van sloten.
Plant Iris na de bloei (juni t/m augustus), maar wacht wel tot het loof
lelijk is geworden. Direct na de bloei planten kan ook,
 |
| Iris pumila, in knop en bloei |
maar dan verschijnt er in het eropvolgende bloeiseizoen meestal geen enkele bloem.
Zorg ervoor, dat de bovenkant van de wortelstok net boven de grond uit komt. Druk
de plant goed aan en water de wortels goed in. Blijf regelmatig water geven tot de
de plant goed is aangeslagen.
Iris pumila wordt 40 - 50 cm hoog. De bladeren zijn smal opgaand
en aanliggend aan de stengel. De bloei is in april - mei. De diepblauwe
kleur van de tot 8 cm grote bloemen steekt mooi af tegen het groen van de
bladeren. Plant deze Iris in een of meer grote groepen bijeen.
Tussen bijvoorbeeld lavendel (Lavandula) of heiligenbloem
(Santolina) voor een fraaie combinatie. Iris pumila bloeit
betrekkelijk kort: ongeveer veertien dagen. Op een plaats in de zon of een
halfschaduwrijke plaats doet deze Iris het prima.
|
|
|
Artikelen en illustraties in NEÊRLANDs Tuin zijn auteursrechtelijk beschermd. Niets mag
daarom geheel, gedeeltelijk of in gewijzigde vorm (persoonlijkheidsrecht) op welke wijze
dan ook worden verveelvoudigd zonder schriftelijke toestemming. |
|