 |
|
|
|
Aangepast zoeken
|
Salix sepulcralis, treurwilg |
|
|
|
In het voorjaar vallen ze het meeste op: de gele tinten in de vorm van bloemen of
twijgen. Wie door stad en landschap trekt, wordt regelmatig geconfronteerd met treurwilgen.
Treurwilgen zijn er niet alleen als trieste uitdrukking voor een begraafplaats, nee,
 |
|
Een treurwilg wordt vooral gebruikt om een punt te markeren |
ze staan als accenten her en der bij boerderijen, villa's en buitenhuizen of in parken
en plantsoenen. Hun schilderachtige, nimfachtige, zwiepende slierten deinen op de klanken
van de brullende wind mee, heen en weer, of hangen statig en roerloos, beschenen door
het voorjaarszonnetje.
Er komt geen treurig gevoel over mij heen bij het zien van een treurwilg. Op een
 |
| Twijgen van een treurwilg hangen in lange slierten van de takken |
begraafplaats krijg je dat gevoel wel. Het is maar net in welke situatie treurwilg
is te zien. In parken valt mij op, dat een treurwilg vaak een specifiek punt markeert:
een verdraaiing in loop- of zichtlijnen of als accent van een specifieke plaats aan
het water. Dikwijls staat zo'n boom ook bij een boerderij, maar ook dan vrijwel altijd
in de nabijheid van een sloot of vijver. Een treurwilg en water lijken dan ook altijd aan
elkaar gekoppeld te zijn. Behalve door z'n brede specifieke vorm zijn de geelgroen
gekleurde twijgen een blikvanger van jewelste.
Een treurwilg plant je natuurlijk in vochtige grond, maar vooral op een plaats waar
je iets wil zeggen. Je wilt, dat mensen daar iets zien of kunnen zien. Als jij dat
niet doet, maken de kleur en de verschijningsvorm van de boom wel, dat mensen hun blik
erop richten of ernaartoe lopen. Een treurwilg is bij uitstek een accentboom met een bijna
dichterlijke betekenis.
 |
|
 |
| Vroeg in het voorjaar verschijnen katjes en blad van de treurwilg |
Verminking door snoeien van een treurwilg |
De treurwilg is de meest gekweekte wilg van alle wilgen. Het is wat je noemt een
karakterboom. Een volledig uitgegroeide treurwilg wordt tot twintig meter hoog.
Vanaf half februari begint de boom uit te lopen. De aanvankelijk geelgroene,
lancetvormige bladen worden in de loop van het seizoen diepgroen en hebben een
opvallend gele nerf aan de bovenkant van het blad. Met het uitlopen verschijnen
de katjes, weinig opvallend vanwege hun identieke kleur met het jonge blad.
Treurwilg snoeien
Om u maar meteen voor fouten te behoeden: snoei een treurwilg niet. Op de foto
linksboven is het resultaat te zien van het verkeerd hanteren van de snoeizaag.
Kort geen takken in, omdat de boom naar uw smaak te breed uitgegroeid is. Bij
inkorten lijkt het resultaat voor eeuwig op een slechte amputatie. Op de plaats
van afzagen groeit een pruik. Een ordeloze, maar meer nog hopeloze wirwar van
takken. De karakteristieke afhangende lange slierten verdwijnen vrijwel voorgoed.
Beter is het om een tak volledig bij de stam weg te zagen, maar... 'bezint eer
 |
| Laantje met treurwilgen |
ge begint'. Kijk goed of de verschijningsvorm (habitus) van de boom niet al te
zeer wordt aangetast door het rigoureus verwijderen van één of meer
takken. Behandel de zaagwond met boombalsem om inwateren te voorkomen. Wie het
balsemen nalaat, kan er zeker van zijn dat de boom zal wegrotten.
De treurwilg behoort tot de familie van de wilgachtigen (Salicaceae). De treurwilg neemt
een even belangrijke plaats in als de knotwilg
(Salix alba), die een al even architecturale verschijningsvorm heeft.
De (gele) treurwilg luistert naar de prachtige naam Salix sepulcralis
'Chrysocoma'. De oude naam luidde Salix alba 'Tristis', die misschien wat
meer tot de verbeelding spreekt. Met de nieuwe naamgeving is de treurwilg ontdaan
van een wat al te triest stempel en dat is wat mij betreft prima.
|
|
|
Artikelen en illustraties in NEÊRLANDs Tuin zijn auteursrechtelijk beschermd. Niets mag
daarom geheel, gedeeltelijk of in gewijzigde vorm (persoonlijkheidsrecht) op welke wijze
dan ook worden verveelvoudigd zonder schriftelijke toestemming. |
|