 |
|
|
|
Aangepast zoeken
|
Platanus, plataan |
|
|
|
Hoewel platanen menige achtertuin langs de Amsterdamse grachtengordel
sieren, is het niet bepaald een boom,
waar je het eerst aan zult denken om in je stadstuintje te zetten.
Verrassend zijn de linten met platanen die de oevers van de
Seine en vele boulevards in Parijs sieren. Imponerend zijn de
platanen op menig stadsplein in Italië, waar ze keuvelende
oude mannen beschutting geven tegen de verzengende zon. In ons
klimaat is het gebruik van de plataan beperkt tot straten en
pleinen, maar een heel enkele keer komt iemand op het idee er
een lommerrijk 'dak' of een leivorm van te maken.
 |
| Met een beetje moeite schep je met dakplatanen een lommerrijke schaduwplek |
Wie een plataan koopt, moet terdege weten hoe de boom
uitgroeit. Met een plataan kun je veel kanten op: laten uitgroeien
met een kroon op stam, een dak ermee vormen of een plat scherm
ervan maken. Voor de laatste twee toepassingen is vormsnoei
onontbeerlijk. Een plataan groeit van nature met een sterke harttak
en korte zijscheuten daaraan. Vormen ontstaan niet zo maar. Een
jonge boom moet worden geleid in de vorm die wordt gewenst.
Platanen groeien goed op klei-, leem- en zandgrond en is een
liefhebber van kalk in de grond.
Een dakplataan leiden
Voor de vorming van een dakplataan moeten zijscheuten van de
kroon aangebonden worden aan draden, die vanuit het hart van de
boom stervormig naar buiten zijn gespannen. Dit vereist in het
jonge stadium van de boom een paal direct naast de stam en vier
palen daarbuiten, waartussen gegalvaniseerd ijzerdraad is
gespannen. De afstand tussen het hart van de boom en de buiten
geplaatste palen moet twee meter vijftig tot drie meter bedragen.
Twee spandraden worden diagonaal gespannen tussen de buitenste
palen en twee draden worden aangebonden op de draden tussen twee
palen. Op deze manier is er de beschikking over acht draden,
waaraan scheuten (liggers) kunnen worden aangebonden. In plaats
van spandraden kan ook vierkant latwerk worden aangebracht.
Draden hebben het voordeel dat ze slank zijn en nauwelijks
opvallen. Nadat de scheuten op de liggers hun lengte hebben
bereikt, ze dik genoeg zijn en voldoende stijfheid hebben om de
vorm zonder spandraden te houden, kan de stellage worden
verwijderd. Hierna is en blijft jaarlijks vormsnoei nodig.
Een leiplataan leiden
Om een leiplataan of een scherm te vormen worden platanen op
een onderlinge afstand van vijf tot zes meter geplant. Op de
helft van de afstand tussen twee bomen worden palen geplaatst:
bij een scherm van twee bomen drie palen, met drie bomen vier
palen etc. Tussen en aan de palen worden op een onderlinge
afstand van vijftig centimeter horizontaal gespannen draden (of
een latwerk) aangebracht. Een vaste afstand tussen de draden
zorgt voor een regelmatige opbouw van leivorm of scherm.
Afwijkingen daarin zullen een minder fraai beeld opleveren.
Scheuten die zich daarvoor lenen, worden op de horizontale
draden aangebonden. Alle scheuten die niet kunnen worden
aangebonden, worden radicaal van de harttak afgesnoeid. Van
scheuten die horizontaal moeten groeien, wordt het uiteinde van
de scheut met eenderde van de lengte ingekort. Snoei altijd op
een naar buiten gericht oog. Hierna is en blijft jaarlijks
vormsnoei nodig.
 |
|
 |
Een plataan met kroon op stam wordt zeker dertig meter hoog |
Een plataan heeft een bolvormige bloeiwijze |
 |
|
 |
| Plataan herken je direct aan de bast |
Platanus orientalis heeft diep ingesneden blad |
Plataan snoeien
Kroon op stam -
Een plataan met een kroon op stam heeft alleen in de jeugdfase
snoei nodig om een goede harttak te vormen. De kroon van een
dergelijke boom moet zich op een hoogte van drie meter kunnen
gaan vormen. Alle scheuten vanuit de stam die lager groeien dan
drie meter, worden systematisch in de herfst tot het einde van
de winter weggesnoeid. Staat de boom in een gazon of moet er
geen verkeer onderdoor, dan kunnen scheuten vanaf één meter
twintig boven de grond de kroon inluiden. Hierna is in principe geen snoei meer nodig.
Kroonreductie -
De kroon van een plataan die te veel schaduw geeft of te groot
is geworden, kan worden gesnoeid door takken uit de kroon
te lichten. Dit is vakwerk en kan daarom beter worden
overgelaten aan een hovenier. Enkele zijtakken worden in dit
geval direct bij de stam afgezaagd. Er komt meer licht in de
boom, de kroon wordt transparant. Alle zijscheuten kunnen iets
worden ingekort, behoud van de kroonvorm staat in alle gevallen voorop.
Knotten of kandelaren -
Drastisch inkorten van de zijscheuten met bijvoorbeeld tweederde
van de lengte wordt knotten of kandelaren genoemd. In de
straten van Parijs worden platanen elke drie jaar teruggezet of
geknot. Op deze wijze blijft de kroon van een plataan binnen de perken.
Verjongingssnoei -
Dit is alleen nodig als oude zijtakken gevaar gaan opleveren:
als takbreuk dreigt of rotte plekken in de zijtakken zijn
ontstaan en takbreuk voorspelbaar is. Verjongingssnoei
uitvoeren is gelijk aan knotten met dien verstande dat het
knotten/kandelaren niet periodiek plaatsheeft.
Vormsnoei -
Dak- en leiplataan moeten ieder jaar worden gesnoeid om de
hoofdvorm erin te (be)houden. Bij een dakplataan worden
alle verticaal gegroeide scheuten op de liggers
weggesnoeid. De topeinden van de liggers worden teruggeknipt
tot de gewenste uiterste lengte (op een buitenoog). Of worden als ze
het uiteinde nog niet hebben bereikt met eenderde van de laatst
gegroeide scheutlengte ingekort. Los zittende of jonge scheuten
op de liggers (opnieuw) aanbinden.
Bij een leiplataan worden jonge scheuteinden van de liggers met
eenderde van hun lengte ingekort. Is de uiterste lengte
bereikt, behandel de ligger dan als een verticaal gegroeide
scheut op een ligger. Die worden ieder jaar teruggezet
op twee ogen gerekend vanaf de ligger. Alle overige, haaks op
de ligger groeiende scheuten worden radicaal verwijderd.
Soorten
De plataan behoort tot de familie van de plataanachtigen (Platanaceae).
Twee soorten zijn van belang:
Platanus acerifolia, met langgesteelde handvormige bladeren tot dertig centimeter
groot. Groeit snel en is geschikt om op te leiden als dak- en
leiplataan. Vrij groeiend wordt een hoogte van dertig meter
bereikt bij een kroonomvang van twintig tot vijfentwintig
meter. Heeft een karakteristieke geelgroen afschilferende stam.
Platanus acerifolia 'Tremonia',
vormt een mooie rechte stam met piramidale kroon.
Vrijwel gelijk aan voorgaande.
Platanus orientalis, met diep ingesneden en gelobd lichtgroen blad. Jonge bomen
moeten beslist beschut staan en op een warme plaats worden
geplant. Heeft 'zuidelijk bloed', daardoor in jeugdfase licht
vorstgevoelig. Beslist mooi als solitair groeiende boom.
Platanus orientalis 'Digitata', met zeer diep ingesneden blad. Tot twintig meter
hoog groeiend. Goed als solitair.
|
|
|
Artikelen en illustraties in NEÊRLANDs Tuin zijn auteursrechtelijk beschermd. Niets mag
daarom geheel, gedeeltelijk of in gewijzigde vorm (persoonlijkheidsrecht) op welke wijze
dan ook worden verveelvoudigd zonder schriftelijke toestemming. |
|