|
|
|
1. Wanneer bloembollen planten?
'Bloembollen' is de verzamelnaam voor planten die onder
de grond een bol, stengelknol, wortelknol of een wortelstok hebben.
Bloembollen die in het voorjaar zullen bloeien, worden in het najaar geplant.
Bij voorkeur in een periode
die ligt tussen einde september en op z'n laatst in december. Hoe vroeger de bolgewassen geplant worden,
des te eerder zullen ze wortelen en spruiten ontwikkelen. De grond is aan het begin van de herfst nog
een beetje warm. Ze zijn daardoor ook beter bestand tegen vorst in de grond. Bij zeer strenge vorst kan
de grond tot wel dertig centimeter diepte bevriezen. Plant geen bollen wanneer de vorst al in de grond
zit of wanneer deze kletsnat is.
2. Bodem en grondmengsels
Het belangrijkste voor een goede beworteling en bloei van bolgewassen is ongetwijfeld een luchtige en
niet lang nat blijvende grond. Door natte grond verstikken de bollen en rotten ze volledig weg.
Bloembollen gedijen het beste in een licht humeuze grond. Zware klei-achtige gronden kunnen verschraald
worden met een flinke hoeveelheid zand. Meng deze in een verhouding van drie delen zand op een deel klei.
Spit het mengsel goed door met behulp van een vork met platte tanden of gebruik een tuinklauw of
cultivator. Maak de grond goed rul; dat wil zeggen: vermorzel alle grote brokken tot een kruimelige grond
ontstaat. Toevoeging van een kant en klaar verkrijgbare bladgrond is ook uitstekend. Vooral voor die
bolgewassen die blijvend vast blijven staan - dus die na de bloei niet uit de grond worden verwijderd -
vereisen bovenstaande grondbewerking.
Bolgewassen houden bijzonder veel van een kalkrijke (calcium en/of Kali) grond. Toevoeging van een
kunstmeststof, N.P.K. in de verhouding 5.10.5, kan worden toegevoegd. Of meng een flinke hoeveelheid
compost of beendermeel door de grond. Een hoeveelheid kunstmest van ca. 5-6 kg/10 m2 of - als
compost gebruikt wordt - een hoeveelheid van 20-25 kg/10 m2 is toereikend.
3. Plantplaats van bloembollen
Alle bolgewassen houden van een zonnige tot half beschaduwde plaats. Krokussen en de vele botanische
tulpen moeten bij voorkeur op een juist zonnige plek geplant worden.
Overigens zijn er heel veel bolgewassen die op een schaduwrijke plek geplant kunnen worden. Dit zijn
onder andere blauw druifje (Muscari), anemoon (Anemone nemorosa), daslook (Allium
ursinum), holwortel (Corydalis cava), helmbloem (Corydalis solida), gele helmbloem
(Corydalis lutea), knikkende vogelmelk (Ornithogalum nutans), lenteklokje (Leucojum
vernum), wilde of boshyacinth (Scilla nonscripta), zomerklokje (Leucojum aestivum),
sneeuwklokje (Galanthus nivalis), Salomonszegel (Polygonatum multiflorum), kievitseitje
(Fritillaria meleagris).
Duidelijk - met stokjes of iets dergelijks - markeren voorkomt schade wanneer in de nabijheid geharkt
of gespit moet worden. Voor overblijvende bolbeplantingen is het beter een schets te maken van waar
deze bollen geplant zijn, zodat in de zomer, wanneer het loof afgestorven en verdwenen is, er niet door
bijplanten van andere gewassen schade zal ontstaan.
4. Plantafstand en bloeitijd
Aangezien de meeste bloembollen in tuincentra en warenhuizen verpakt worden verkocht,
is op de beschrijving meestal ook aangegeven op welke afstand de bollen onderling geplant kunnen worden.
Voor een tijdens de bloei goed opvallend effect van de beplanting moeten de bollen zo dicht mogelijk
geplant worden. Houdt ook de bloeihoogte goed in de gaten: de hogere soorten moeten niet de heel lage
soorten aan het oog onttrekken.
Belangrijk is eveneens wanneer een soort bloeit. Bij een juiste keuze van verschillende bloeitijden kunt
u vanaf eind januari tot ver in maart een aaneenschakeling van bloeiende bolgewassen en kleurenpracht
verkrijgen.
Tulpen bijvoorbeeld zijn naar type in te delen wat hun bloeitijden betreft: vroege tulpen zijn
onder meer de enkele- en dubbele vroege tulpen, de Greigii- en de Kaufmanniana-hybriden. De laag blijvende
soorten uit deze reeks zijn eveneens geschikt voor bakken en potten. Middentijds bloeiende tulpen
zij onder meer de Triumph- en Mendeltulpen en de zogenaamde Darwinhybriden. Late tulpen
zijn onder meer de parkiettulpen en de lelieachtige- of papegaaitulpen, de Rembrandttulpen en de dubbele
late tulpen. Daarnaast is nog een hele verzameling zogenaamde botanische tulpen verkrijgbaar.
Deze tulpen kunnen vast blijven staan en kunnen in flinke groepen geplant worden in bijvoorbeeld het
gazon of als (brede) rand ter afzoming van een heesterrand of langs de voet van een haag. Geschikte
soorten zijn onder meer Tulipa turkestanica waarvan de bloei in begin maart valt (20 cm hoog).
Deze soort is meerbloemig en bloeit opvallend crème-kleurig. De Tulipa kolpakowskiana
bloeit geel-rood in april (15 cm hoog), terwijl Tulipa marjolettii in mei rood-wit bloeit en
vijftig cm hoog wordt.
5. Hoe te planten? Op welke diepte?
Vooraf moet de grond goed voorbewerkt zijn aleer de bollen werkelijk geplant kunnen worden. Na de
grondbewerking is de grond los van structuur. Daarom is het prikken van gaten met een te puntig voorwerp
absoluut ongeschikt; de luchtzak onder in het plantgat voorkomt in zo'n geval dat de bol-bodem
onvoldoende in aanraking kan komen met de grond. Gebruik het liefst een echte bollenplanter. De
bollenplanters zijn in twee typen verkrijgbaar: een bollenplanter waarbij de grond eruit getikt moet
worden en de bollenplanter met een veermechanisme, waarbij de grond automatisch geleegd wordt.
Vooral bij aanplant van veel bollen loont het de moeite dit laatste type aan te schaffen. Uiteraard
kan ook gewoon een (hand-)plantschopje gebruikt worden. Het nadeel hiervan is dat maar zelden alle
bollen op een zelfde hoogte geplant zullen worden, zodat verschillen in hoogte van het gewas zullen
ontstaan of zelfs dat de bol nooit opkomt! Bij aanplant van grote plantvakken is het gebruik van de
panschop of een bats heel handig en voor grote plantplekken in gazons een must. Deze Hollandse
manier van aanplanten is ook heel bruikbaar wanneer de bollen niet keurig in gelid geplant behoeven
te worden, maar uitgestrooid worden over een grote oppervlakte. Door uitstrooiing ontstaat een meer
'natuurlijk' beeld van aanplant. Vooral voor botanische bolgewassen geeft dit een fraai oogend effect.
5a. Plantdiepte
Als stelregel geldt een plantgatdiepte die gelijk is aan driemaal de maximumdiameter van de
bol. Er zijn echter zoveel uitzonderingen op de regel, dat daarom beter voorafgaand aan het planten
bekeken moet worden welke plantdiepte geldt voor het bolgewas dat is aangeschaft. De plantdiepte heeft
altijd betrekking op de afstand tussen bolneus en bovenkant van de grond na afdekken van de bol.
6. Bollen planten in bakken en potten voor op het balkon
Om van bloembollenpracht te kunnen genieten is het hebben van een tuin niet echt nodig. Een aantal flinke
potten in een maat van 25-30 cm met daarin een aantal tulpen, narcissen, sneeuwklokjes of krokussen geeft
later toch dat 'lente-gevoel'. Kies vooral lage soorten, deze zijn minder windgevoelig. Uiteraard kunnen
ook grotere bakken voor dit doel gebruikt worden. Zorg vooral dat de pot of bak goed kan draineren. Leg
in voldoende mate potscherven of stukjes hardschuim op de bodem. Bedek deze vervolgens met een laag scherp
zand en daar bovenop een goede potgrond. Het planten van de bollen kan in verscheidene lagen! Als u soorten
met een verschillende hoogte en bloeitijd kiest, hebt u heel lang plezier van deze mini-tuin. Combinaties
van narcis en blauwe druifjes zijn daardoor bijvoorbeeld goed mogelijk. Bij strenge, aanhoudende
vorst moeten de potten en bakken wel beschermd kunnen worden. Afdekken met stro of jute zakken is effectief.
Geschikte soorten voor potten en bakken zijn:
Crocussen: Crocus laevigatus, Crocus ancyrensis, Crocus chrysanthus, Crocus tommassianus en
al hun cultuurvariëteiten, Crocus flavus.
Narcissen: 'Baby Moon', 'Tête-à-Tête', Narcissus campernelli, Narcissus nanus,
Narcissus pumila, Narcissus canaliculatus, Narcissus asturiensis.
Tulpen: 'Apricot Beauty','Generaal De Wet', 'Beauty of Volendam', 'Van der Neer', 'Diana',
'Stockholm', 'Carlton', 'Estella Rijnveld', 'Bonanza', T. praestans 'Fuselier', T. praestans
'Brilliant Star', 'Joffre', 'Christmas Marvel', 'Unicum', 'Fringed Beauty', 'Heart's Delight', 'The First',
'Early Harvest', 'Goudstuk', 'Johan Straus', 'Gluck', 'Jeantine', 'Berlioz', 'Treasure', 'Mary Ann',
T. bakeri 'Lilac Wonder', T. batalinii etc.
Bij aandachtig zoeken zult u zeker veel meer soorten kunnen vinden, die niet te hoog worden en daardoor
geschikt zijn om in potten en bakken te planten. Voor bijzondere bolgewassen, die eveneens geschikt zijn
om op het balkon te planten, verwijs ik naar het volgende punt in dit artikel.
7. Bolgewassen vervroegen voor kamercultuur
Waarschijnlijk kent u ook wel die heerlijke geur van bloeiende hyacinthen wanneer u een kamer binnenkomt.
Het 'trekken' van hyacinthen op water is een heel bekende cultuur. Maar er zijn veel meer bolgewassen
die zich uitstekend lenen voor vervroeging. De hoeveelheid bollen die u nodig hebt, is afhankelijk van
de potmaat.
In principe zijn er drie methoden om bollen op te kweken voor huiskamercultuur.
Achtereenvolgens zijn deze: a. op water, b. op grint, c. in potgrond.
a. Op water: Gebruik speciale glazen vazen voor hyacinthen, tulpen of narcissen
of speciale plastic potjes met een deksel erop, waar de bol ingeklemd kan worden. Voor het beste resultaat
moet u wel speciaal voorbewerkte bollen kopen. Deze bollen zijn 'geprepareerd'; dat wil zeggen:
hebben gedurende een bepaalde periode aan koude (in koelhuis) blootgestaan. Tijdens deze koelperiode wordt
de zogenaamde bloembodem (primordium) aangelegd. De methode noemt men 'vernalisatie'. Desgewenst kunt u
dit ook zelf uitvoeren. Doe de gekochte (onbehandelde) bollen in een plastic zak met daarin gaatjes,
zodat de bollen kunnen 'ademen'. Bewaar de bollen 4-6 weken in de koelkast in de groentenlade bij een
temperatuur die tussen de 5-6 graden Celcius ligt. Laat ze niet bevriezen!
Voor Amaryllis en Narcis 'Tazetta' is bovenstaande behandeling absoluut uit den boze. Zet
de bol (gekocht en behandeld of zelf bewerkt) op het glas dat gevuld is met water. Zorg dat de bol stevig
klem zit op het glas of de pot om later omkiepen te voorkomen. Plaats het glas/de pot met de bol daarna op
een donkere, frisse plaats. De maximale temperatuur mag niet boven de 12 graden Celcius uitkomen. Een
donkere kast op een onverwarmde slaapkamer of een donkere plaats in kelder, schuur of garage is goed.
Wanneer na ongeveer 3-4 weken zich een spruit van zo'n 5-6 centimeter heeft gevormd, kan het
bolgewas in een verwarmde kamer geplaatst worden. Let erop dat gedurende de gehele procedure zich
voldoende water in het glas of de pot bevindt. Het water moet ca een halve centimeter onder de bolbodem
blijven. Goede soorten voor glas-/potcultures zijn:
Hyacinthus 'PinkPearl', 'Carnegie', 'Delft Blue' en 'Ostara', Narcissus 'Tazetta',
'Cragford', 'Grand Soleil d'Or', Crocus 'Remembrance', 'Zwanenburg Bronze', 'Skyline', 'Jeanne d'Arc',
'Vanguard', 'Grote Gele'. Tulpen: 'Brilliant Star', 'Joffre', 'Christmas Marvel', 'Prominence', 'Flair',
'Electra', 'Peach Blossom', 'Mr. van der Hoef' etc.
b. Op grint: De cultuur, plantwijze, de noodzakelijke behandeling van de
bollen etc. is gelijk aan die voor watercultuur. Het grint vervangt in feite de potgrond. Gebruik
een waterdichte pot. Uit wat voor een materiaal de pot gemaakt is, doet er niet toe. Breng ten minste
5-10 cm grint in de pot aan. Vul de pot met water en zorg ervoor dat als de bollen geplant
zijn, de bolbodem niet in het water staat. Vul geregeld met water aan gedurende de tijd dat de bollen
'trekken'. Behandeling is verder gelijk aan die van bollen op water. Goede soorten voor grintcultures zijn:
Narcissus 'Totus albus', 'Paperwhite', Narcissus 'Grand Soleil d'Or', N. 'Tazetta'.
Tulpen en krokussen: zie hiervoor onder glascultures. Muscari (blauw druifje): armeniacum
'Cantab', 'Blue Spike', 'Heavenly Blue', Muscari botryoides 'Album', Muscari tubergenianum,
Muscari comosum plumosum.
c. In potgrond: kies een luchtig, licht mengsel aan grond. De grond moet water
doorlatend zijn, dus vermenging van potgrond met 1/3 zand is heel goed. Gebruik beslist geen turfmolm of
vette tuinaarde. Alle potten met een flinke omvang zijn goed te gebruiken. Fraai zijn de plantschaalachtige
bloempotten; die zijn wat minder hoog dan de gewone bloempot en uitstekend bruikbaar voor ons doel. Doe wat
grint of potscherven onder op de bodem van de pot voor drainage.
Daarna kan het grondmengsel daar direct overheen worden aangebracht. Vul de pot tot op 1 centimeter onder de
rand in verband met het begieten. Plaats de potten op een koele plaats; de temperatuur mag niet hoger zijn
dan 10-12 graden Celcius. Controleer de potten regelmatig op muizenvraat! Het is beslist niet noodzakelijk
om de potten op een donkere plaats te zetten.
Een andere manier is om de potten/schalen in de tuin in te graven. Graaf een kuiltje, waarbij de bovenkant
van de pot/schaal maximaal 15 centimeter onder de oppervlakte komt te staan. Markeer de plaats waar u wat
ingegraven hebt en dek de plek af met een laag stro, zaagsel of schoon zand. Dit vergemakkelijkt het
uitgraven, wanneer het gevroren heeft. Na ongeveer acht weken kan alles weer uitgegraven worden. Hebt
u geen tuin, dan kunnen de potten ook met zwart plastic folie afgedekt worden. Door de potten op
verschillende tijden binnen te halen wordt in huis de tijd met bloeiende bollen verlengd.
8. Plant eens wat anders dan tulpen, narcissen of krokussen!
Er is in uw tuin veel meer te bereiken dan met alleen de bekende bolgewassen. Het bloeiseizoen, dan alleen
februari en maart, kan met behulp van de bol- en knolgewassen veel langer doorlopen: tot wel einde juni!
9. Tabel met enkele bijzondere bol-/knolgewassen
Om u wat op weg te helpen hierachter wat soorten:
Nederland kent een beperkt aantal bollentelers, dat biologisch geteelde bloembollen
op de markt brengt. Het sortiment en de leverbare aantallen zijn nog gering. Van de ca achteneenhalf
miljard bloembollen, die jaarlijks worden geproduceerd, zijn er zo'n vier miljoen die van biologisch
geteelde oorsprong zijn.
Bij de gebruikelijke teelt van bloembollen wordt veel gif gebruikt, voornamelijk bij het ontsmetten
(toclofosmethyl) van de grond. De bloembollenteelt staat op de tweede plaats in de toptien qua
gifgebruik.
Bollentelers die zijn overgegaan zijn op een biologisch verantwoorde teelt van bloembollen, gebruiken
geen chemische bestrijdingsmiddelen, geen kunstmest en doen niet aan genetische manipulatie. Deze
bloembollen voldoen aan het EKO-keur. Wie wil meedoen aan een schoon en veilig milieu, ook op
lange termijn, koopt bloembollen met het EKO-keur. Voor inlichtingen en bestellingen:
H o e v e V e r t r o u w e n
Oostermiddenmeerweg 14,
1771 RR Wieringerwerf
tel. 0227 501637 - fax 0227 502410
( terug) |
|
|
|